Met mijn auto sluit ik op deze frisse vrijdagochtend aan bij het stoplicht langs het kanaal. Mijn witte vingers omklemmen het nog ijskoude stuur. Voor me staat een dikke Volvo, die langzaam mijn kant op glijdt. Alert als ik ben, laat ik ook mijn rempedaal los, om de afstand tussen ons te behouden. Maar de auto komt dichter en dichterbij.
Intussen springt het stoplicht op groen. In plaats van op te trekken, komt de achterkant van de wagen nu zo dichtbij, dat ik een flashback krijg naar het mammografie-apparaat in het ziekenhuis. Een van mijn angsten: een afgeleide arts die niet op tijd de tietenpletter stopt. Omdat er achter mij ook een auto aankomt, lijkt in de achteruit gaan geen wijze keuze – en die tijd is er trouwens ook helemaal niet. Dus blijft er maar één optie over.
TUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUT.
Nu moet je weten: ik vind mezelf een bescheiden weggebruiker. Aan bumperkleven doe ik niet. En heeft iemand niet direct door dat ’t groen is? Ook dan ben ik geduldig. Tuurlijk, ik heb een heel repertoire aan scheldwoorden, maar alleen voor met de ramen dicht. Maar met het recente verhaal van een vriend nog in mijn hoofd (over zijn total loss gereden Tesla en het gezeik met een vervangende auto regelen) heb ik op dit moment nóg minder zin in schade dan normaal. En normaal is dat al best weinig.
Mijn langgerekte toeter schudt de bestuurder voor me wakker en laat de auto met grommende motor optrekken. Godzijdank. Bij het volgende stoplicht ga ik ernaast staan en doe mijn rechter raampje omlaag. Want het beeld van een asociale toeteraar, dat mag níémand van mij hebben. Een Heel Aardig Persoon, dat ben ik. Beschaafd. Beleefd. Behulpzaam.
Vriendelijk kijk ik naar rechts. De chique bontkraag achter het stuur kijkt terug alsof ik een vieze hond ben, die zojuist tegen haar dure Volvo heeft geplast. Het raam omlaag? In geen honderd jaar. Want ongetwijfeld heb ik na dat agressieve getoeter ook nog onwijs veel zin om K^%@^W&$* te schreeuwen.
De glazen geluidsbarrière tussen ons blijft intact. Rood verandert in groen. Allebei vervolgen we onze weg. Ik vol frustratie dat weer iemand op aarde denkt dat ik een aso ben. En zij? Deze situatie heeft haar hum vast ook geen goed gedaan.
Hoe vaak doen we dat eigenlijk niet, iets invullen zonder de juiste context te kennen? In het verkeer. In de rij bij de kassa. Op de socials. Razendsnel je conclusie trekken is de makkelijke en vaak veilige weg. Zo zonde. Want wie zijn raampje wat vaker omlaag draait, zou zomaar eens een ander verhaal kunnen horen.
---
Intussen springt het stoplicht op groen. In plaats van op te trekken, komt de achterkant van de wagen nu zo dichtbij, dat ik een flashback krijg naar het mammografie-apparaat in het ziekenhuis. Een van mijn angsten: een afgeleide arts die niet op tijd de tietenpletter stopt. Omdat er achter mij ook een auto aankomt, lijkt in de achteruit gaan geen wijze keuze – en die tijd is er trouwens ook helemaal niet. Dus blijft er maar één optie over.
TUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUT.
Nu moet je weten: ik vind mezelf een bescheiden weggebruiker. Aan bumperkleven doe ik niet. En heeft iemand niet direct door dat ’t groen is? Ook dan ben ik geduldig. Tuurlijk, ik heb een heel repertoire aan scheldwoorden, maar alleen voor met de ramen dicht. Maar met het recente verhaal van een vriend nog in mijn hoofd (over zijn total loss gereden Tesla en het gezeik met een vervangende auto regelen) heb ik op dit moment nóg minder zin in schade dan normaal. En normaal is dat al best weinig.
Mijn langgerekte toeter schudt de bestuurder voor me wakker en laat de auto met grommende motor optrekken. Godzijdank. Bij het volgende stoplicht ga ik ernaast staan en doe mijn rechter raampje omlaag. Want het beeld van een asociale toeteraar, dat mag níémand van mij hebben. Een Heel Aardig Persoon, dat ben ik. Beschaafd. Beleefd. Behulpzaam.
Vriendelijk kijk ik naar rechts. De chique bontkraag achter het stuur kijkt terug alsof ik een vieze hond ben, die zojuist tegen haar dure Volvo heeft geplast. Het raam omlaag? In geen honderd jaar. Want ongetwijfeld heb ik na dat agressieve getoeter ook nog onwijs veel zin om K^%@^W&$* te schreeuwen.
De glazen geluidsbarrière tussen ons blijft intact. Rood verandert in groen. Allebei vervolgen we onze weg. Ik vol frustratie dat weer iemand op aarde denkt dat ik een aso ben. En zij? Deze situatie heeft haar hum vast ook geen goed gedaan.
Hoe vaak doen we dat eigenlijk niet, iets invullen zonder de juiste context te kennen? In het verkeer. In de rij bij de kassa. Op de socials. Razendsnel je conclusie trekken is de makkelijke en vaak veilige weg. Zo zonde. Want wie zijn raampje wat vaker omlaag draait, zou zomaar eens een ander verhaal kunnen horen.
---
In deze blogs schrijf ik over wat ik meemaak als veertiger uit 040. (Oké, inmiddels begin veertiger verhuisd naar Best, maar dat bekt minder lekker.) Wil je ook een blog, artikel of andere tekst? Ik ben in te huren als freelance tekstschrijver, je vindt me hier op LinkedIn.
[Foto door almani ماني via Unsplash]
